West-Indische Buurten

There are 6 entries in this glossary.
Search for glossary terms (regular expression allowed)

Glossaries

Term Main definition
Baly, Camille

Camille E. Baly (Sint Maarten, 1936 – Sint Maarten, 2012) was dichter, schrijver en voordrachtskunstenaar. In zijn werk maakte hij veel gebruik van de oral history van de Bovenwindse eilanden van de voormalige Nederlandse Antillen. Hij schreef voornamelijk in het Engels, maar gaf ook voordrachten in het Nederlands. Hij diende lange jaren als het hoofd van het bureau Cultuur en Opvoeding van het eiland Sint Maarten.

Bron
-           Prof. dr. Gert Oostindie, directeur KITLV in 'Advies-KITLV-straatnamen-Amsterdam.pdf' d.d. 19-6-2019

Vernoemingen in Indische buurten (aantal keren)
Camille Balystraat (1)

Author - Dick Rozing
Hits - 1
Synonyms - Camille Baly
Bantaskine

Bantaskine was een katoenplantage aan de Surinaamse kust, in het westelijk district Coronie. In de periode 1797-1802 vonden de grote uitgiftes van plantages plaats aan de Saramacca en de Coroniaansekust. Lot no. 221, het latere Bantaskine, was uitgegeven aan J.P. Slengarde de Demerary. Slengarde heeft de grond echter nooit gecultiveerd en hij verkocht het in 1818 aan tussenpersoon A. Cameron, die de grond onmiddellijk transporteerde aan William Robertson. Robertson is de werkelijke aanlegger van de plantage ‘…en welk perceel land is aangelegd tot eene katoen plantage genaamd Bantaskine en waarop zich bevinden behalve de vereischte suffisante gebouwen een aantal van 87 koppen slaven, zijnde dit perceel land door voornoemden William Robertson in cultuur gebracht en van slaven en gebouwen voorzien…’ (request 1824). In 1824 is William Robertson overleden en de plantage werd verkocht aan James Fowers en James Barclay te Glascow en aan James MacPherson in Rotterdam. In 1832 was Bantaskine een katoenplantage en 1.000 akkers groot. In 1843 kwam Bantaskine in handen van Alexander MacIntosh, die tevens eigenaar was van enkele andere plantages, waaronder Leliëndaal. In 1854 voegde Macintosh de producties van Bantaskine en een naastgelegen plantage samen, en werkten 105 slaven en één vrije arbeider op de gronden. Het product was nog steeds katoen. In de daarop volgende decennia ging Bantaskine vaak van de ene eigenaar naar de andere, tot er in de late jaren nul van de twintigste eeuw nog slechts 18 contractarbeiders werkzaam waren en de grond de naam plantage niet meer waard zou zijn. Vandaag de dag is een groot deel van de voormalige plantage overwoekerd, maar is er nog wel wat bebouwing te vinden.

Bronnen
-          Haag, Jaap, ‘Oude plantagenamen in Diemens nieuwste woonwijk’ HKD, 17. 
-          http://www.surinameplantages.com/archief/b/bantaskine
-          Dikland, Philip, 2004 op http://www.suriname-heritage-guide.com/ Rubriek ‘Geschiedkundige informatie’, gebied ‘Coronie district’, map ‘plantages’, Bantaskine 2004-01 geschiedenis.pdf

Vernoemingen in Indische buurten (aantal keren)
Bantaskine (1)

Author - Dick Rozing
Hits - 59
Baron

Baron, of ook wel Balon genoemd, was een medestrijder van de bekende vrijheidsstrijder en guerrillaleider Boni in het Suriname van in de achttiende eeuw. Hij was slaaf geweest bij een Zweedse kolonist, Dahlberg die hem doorverkocht aan een jood. Baron weigerde mee te gaan met zijn nieuwe meester, waarop Dahlberg hem liet straffen. Baron vluchtte en sloot zich aan bij de Marrons van Boni.
De groep richtte toenemende schade aan, onder andere opererend vanuit Fort Buku, een versterkte nederzetting in het oerwoud. In Paramaribo werd gedacht dat Baron de leider van de Marrons was, maar dat was niet in overeenstemming met de werkelijkheid. Hij was echter ambitieus en weigerde zich van tijd tot tijd aan het gezag van Boni te onderwerpen. Baron was niet zoals vaak wordt vermeld tot het einde bij de verdediging van Buku aanwezig toen dit fort ten val kwam in 1772. Begin 1773 bevond hij zich weer bij de groep van Boni. In 1774 sneuvelde Baron bij een aanval op een plantage.

Bronnen

  • Hoogbergen, Wim, De Boni-oorlogen, 1757-1860; Marronage en guerrilla in Oost-Suriname (Utrecht 1985).
  • Meel, Peter, en Hans Ramsoedh (red.), Ik ben een haan met een kroon op mijn hoofd. Pacificatie en verzet in koloniaal en postkoloniaal Suriname (Amsterdam 2007) 80-90, 304-306.

Vernoemingen in Indische buurten (aantal keren)
Baronstraat (1)

Author - Dick Rozing
Hits - 72
Blaakkreek

Het water van de Surinaamse kreken is cola-bruin. Vandaar de bekende Surinaamse namen 'Colakreek’, ‘Blakkawatra’,  en ‘Moricokreek’. Ook de naam ‘Blakkreek’ refereert aan dit verschijnsel. De kolonisatie van de Commewijne begon hoog aan de bovenloop van de rivier. Aan deze nauwe bovenloop of aan een kleine zijkreek lagen de plantages. Het centrum van de Commewijne-kolonie was zo aan het eind van de zeventiende eeuw het ‘Land van Calis’ aan de samenvloeiing van de Commewijne en de Casewinica. Hier was de hervormde kerk gevestigd en werd waarschijnlijk ook markt gehouden. Blakkreek ligt 10 km stroomopwaarts van het Land van Calis, een afstand die met de boot in een getij kon worden afgelegd. Op de zogenoemde Labadistenkaart uit 1686 staat een rijtje namen aan de rechteroever langs de Commewijnerivier ter plaatse van Blakkreek: Norden – Gores – Greenwood – Verboom. Ook op de kaarten van Walraven uit 1715 en Ottens uit 1718 komt hetzelfde rijtje namen voor. Greenwood bleek uit recentere informatie de eigenaar van Blakkreek te zijn geweest. In 1737 blijkt de plantage 1.550 akkers groot te zijn, het is ook het jaar waarin Cornelis Greenwood overlijd. In 1738 koop door François Schas de plantage Blakkreek uit de boedel Greenwood voor ƒ 27.000,- (€ 12.700,-). Zijn partners (en mede-eigenaren) bij de koop waren Theodore Passalaigue, koopman te Amsterdam (1/3 deel) en Jean David la Frété (1/3 deel). In 1754 verkochten de twee laatsten hun aandeel aan Schas, die vanaf toen de enige eigenaar was. De plantage lag midden in een oorlogsgebied en was kwetsbaar voor aanvallen van de marrons. Vanaf 1777 werden de plantages beschermd door het cordonpad, dat langs de achterkant van de plantages liep. Toch werd omstreeks dat jaar besloten de plantage Blakkreek te verlaten.

De straat heeft in Diemen abusievelijk de naam Blaakkreek gekregen.

Bronnen
-           Dikland, Philip, 2004 en aangevuld in 2010 op http://www.suriname-heritage-guide.com/ Rubriek ‘Geschiedkundige informatie’, gebied ‘Commewijnerivier’, map  ‘plantages’, Blakkreek 2004-01 geschiedenis.pdf

Vernoemingen in Indische buurten (aantal keren)
Blaakkreek (1)

Author - Dick Rozing
Hits - 50
Synonyms - Blakkreek
Bodenburg

Bodenburg was een koffieplantage aan de Matapicakreek, een zijtak van de Commewijnerivier, in het huidige district Commewijne. In 1752 kreeg de Amsterdammer Jan Bavius de Vries, die ook enkele andere plantages in zijn bezit had, de plantagegrond in handen. Hij zette de cultivatie van de plantage op, zodat er koffie kon worden verbouwd. In bijna de gehele eeuw daarna bleef Bodenburg in handen van de familie De Vries, tot het in 1843 in handen was van meerdere directeuren. Op dat moment werkten er 135 slaven op de koffieplantage. In 1863, bij de documenten rondom de afschaffing van de slavernij, komt de plantage niet meer voor, wat erop wijst dat de plantage waarschijnlijk toen al verlaten was. Vandaag de dag is de voormalige plantage volledig overgroeid met bomen. De naam Bodenburg likt afkomstig van het Duitse plaatsje Bodenburg, maar historisch is er geen verband gevonden tussen de eigenaar en het plaatsje.

Bronnen
-           Dikland, Philip, 2005 op http://www.suriname-heritage-guide.com/ Rubriek ‘Geschiedkundige informatie’, gebied ‘Commewijnerivier’, map ‘plantages’, Blakkreek 2005-01 geschiedenis.pdf

Vernoemingen in Indische buurten (aantal keren)
Bodenburg (1)

Author - Dick Rozing
Hits - 52
Bonaire

Bonaire is een Nederlands eiland in het Caribische deel van Nederland. Als bestuurlijk Caribisch openbaar lichaam vormt het eiland een bijzonder gemeente. Het eiland heeft een oppervlakte van 288 km2 en het aantal inwoners bedraagt 19.549 (1-1-2018), een bevolkingsdichtheid van 68 per km2. Van het aantal inwoners is bijna 40 procent, ruim 7.000, geboren Bonairiaan. De overige 60 procent komt vooral uit de overige voormalige Nederlandse Antillen (4.000), Zuid- en Midden-Amerika (3.700) en Europees Nederland (2.800). Bij de overige voormalige Nederlandse Antillen gaat het vooral om inwoners die zijn geboren op Curaçao (3.500), een klein aantal komt van Aruba (500).
De hoofdplaats is Kralendijk en bestaat uit de wijken Antriol, Nikiboko, Noord Saliña, Playa, Tera Cora. Dit waren voorheen vijf verschillende dorpen. Alleen Rincon is een apart dorp gebleven en ligt in het noorden op het eiland.
Bijna 60% van de bevolking is Rooms-katholiek, 6,5% behoort tot de Pinkstergemeente en 2,9% is Protestants. Er worden op Bonaire twee talen gesproken, Papiamentu en Nederlands.
Het volkslied van Bonaire is Himno di Boneiru. Feestdag is op 6 september Dia di Himno y Bandera. De naam Bonaire is afgeleid van buon-ayres, dat goede of zuivere lucht betekent.

Author - Dick Rozing
Hits - 80