Landgraaf - Een West Indische buurt op de Lichtenberg

Door Jo Schiffelers

Op de Lichtenberg in Landgraaf ligt een kleine buurt met West-Indische straatnamen. Oorspronkelijk was de Lichtenberg een van de drie gehuchten van de Heerlijkheid Schaesberg en de in 1796 ontstane gemeente Schaesberg. Per 1 januari 1982 ging Schaesberg op in de nieuwe gemeente Landgraaf.

Van landbouw naar mijnbouw

In 1900 telde de gemeente Schaesberg nog maar 1.900 inwoners. De hoofdkern was het straatdorp Schaesberg met de gehuchten Palemig en Lichtenberg. Binnen de gemeente lagen twee kastelen en enkele grote eeuwenoude hoeves. De vestiging van twee mijnzetels (particuliere mijn Oranje-Nassau II en de Staatsmijn Wilhelmina) in de gemeente zorgde voor een explosieve groei van de bevolking. In 1920 was het aantal inwoners al vervijfvoudigd en in 1930 werden 8.262 inwoners geteld. De gemeente kende niet alleen een groot vestigingsoverschot, maar door de concurrentie van de mijnen onderling en de economische crisis in het eerste kwart van de twintigste eeuw was het ook een komen en gaan van inwoners uit alle windstreken. De oorspronkelijke bewoners spraken het dialect, Duits en in mindere mate het Nederlands. De nieuwkomers spraken vaak geen dialect, Nederlands of Duits. Het aantal inwoners groeide fors verder tot 12.557 op 1 januari 1955.

De bevolkingsgroei stelde de gemeente Schaesberg voor forse problemen met betrekking tot de huisvesting van al die mijnwerkers. Aanvankelijk werden de nieuwe groepen woningen op afstand van de hoofdkern, het straatdorp Schaesberg, gesitueerd. Enerzijds werd dit ingegeven door de mijndirecties en anderzijds was het ook een soort bescherming voor de oorspronkelijke bewoners tegen al die vreemdelingen met uiteenlopende nationaliteiten. Ook wilde het gemeentebestuur een geleidelijke woningbouw. Geleidelijk aan moest echter steeds meer landbouwgrond worden aangekocht voor woningbouw. Voor de landbouw betekende de komst van de mijnen en de daaruit voortvloeiende ontwikkelingen, uiteindelijk de doodsteek.

Een eerste West- Indische straatnaam

In 1955 waren aan een voetpad dat van de Veldstraat op de Lichtenberg naar de weg Op de Heugden en vandaar naar de kerk in Schaesberg liep 3 drie woningen in aanbouw. In een voorstel van 18 oktober 1955 aan de gemeenteraad gaf het college van burgemeester en wethouders aan dat het wenselijk is om een geprojecteerde straat, die deels het tracé van het voetpad volgde, een straatnaam te geven. Uit de tekst van het voorstel kan geconcludeerd worden, dat er in het gebied meer straten geprojecteerd waren. Het college stelde daarom voor om de verbondenheid van Nederland met de West tot uitdrukking te laten komen in de straatnamen.

In zijn vergadering van 15 november 1955 besloot de gemeenteraad om aan het voetpad de straatnaam Arubastraat te geven.

Als vervolg op de eerdere besluitvorming nam de gemeenteraad op 10 december 1957 het besluit om de straatnamen Bonairestraat, Curaçaostraat, Surinameplein en Sabastraat aan te wijzen. Meer straten waren in dit deel van de wijk niet geprojecteerd waardoor ook enkele namen ontbreken.

Hoe verder?

Auteur Jo Schiffelers heeft veel meer geschreven over deze West-Indische buurt. Dit komt in het boek Onze Indische buurten. Volg de informatie op deze website en op onze Facebookpagina Indische buurten betreffende de verschijningsdatum en hoe u kunt intekenen.

West-Indische buurt

(foto's Jo Schiffelers)

View the embedded image gallery online at:
https://indischebuurten.nl/buurten/77-landgraaf#sigProId1835e90317