Leeuwarden - 'een nieuwe periode voor den woningbouw is ingeluid'

Door Loes de Vries in samenwerking met Dienst Stadsontwikkeling, Gemeente Leeuwarden

Leeuwarden kent twee Indische buurten: een Oost-Indische, ten oosten van het stadscentrum, en een West-Indische, direct ten zuiden van de naoorlogse ringweg. De aanleg van de Oost-Indische buurt begon in 1925. De West-Indische buurt, met straatnamen verwijzend naar de Nederlandse Antillen, dateert van kort na de Tweede Wereldoorlog. Beide buurten worden gekenmerkt door aaneengesloten bebouwing met poorten langs de randen waardoor ze een gesloten karakter hebben. Daarnaast zijn zij beide te karakteriseren als echte volksbuurten. De ontwikkeling van de Oost-Indische Buurt markeerde een belangrijk omslagpunt in de gemeentelijke bemoeienis met de volkshuisvesting in de stad.

Vanaf het eind van de negentiende eeuw had Leeuwarden door haar perifere ligging en eenzijdig op landbouw gerichte industrialisatie een onevenredig groot aantal bewoners in de armere bevolkingsgroepen. De beschikbare woningvoorraad voor deze groep bewoners bleef echter dramatisch achter. Hoog tijd om in te grijpen. Maar evenals de ontwikkeling van toepasbare uitbreidingsplannen kwam ook de bemoeienis van de gemeente met de volkshuisvesting maar aarzelend op gang. De Woningwet (1901) leidde in 1904 tot de oprichting van de eerste woningbouwvereniging van Leeuwarden: Woningvereeniging Leeuwarden. De Woningvereeniging voorzag in de bouw van arbeiderswoningen met de aanleg van onder meer de Oud-Indische buurt (1907-’08, 81 woningen). Dit inmiddels tot gemeentelijk monument verklaarde arbeidersbuurtje is ontworpen door architect Willem Cornelis de Groot. De stedenbouwkundige opzet van het knusse buurtje is recht-toe-recht-aan, met een drietal rechte straatjes die eenmaal worden doorkruist door een bredere dwarsstraat. De bouwblokken zijn min of meer gesloten. De architectuur is aantrekkelijk en gevarieerd door de toegepaste Vernieuwingsstijl, die tot uiting komt in onder meer siermetselwerk en kleurige accenten van rode en gele baksteen. Het buurtje telt een achttal woningtypes. Elke woning is voorzien van een klein voortuintje, dat vroeger was omheind met een hekwerk. Inmiddels zijn deze hekwerken vervangen door lage heggen. Ook aan de achterzijde bevinden zich kleine tuintjes van ongeveer dezelfde afmetingen als de voortuinen, waarvan een groot deel is ingevuld met een uitbouw van jongere leeftijd.

Directeur Gemeentewerken Van Hylckama Vlieg lanceert Deelplan Oost

In 1920 wordt een  nieuwe directeur Gemeentewerken aangesteld, Lodewijk van Hylckama Vlieg. Met zijn plan voor de Oost-Indische buurt zocht hij in stedenbouwkundig opzicht aansluiting bij de al bestaande bebouwing. Toch is dit in de zuidwesthoek van de wijk niet helemaal gelukt. Mede door de oriëntatie van de oudere bebouwing richting het Vliet staan de achterkanten van de woningen aan de Balistraat en de achterkanten van de bedrijven aan het Vliet naar elkaar toe. Hiertussen loopt de Tichelstraat, de enige straat in de Indische buurt, die niet verwijst naar Nederlands-Indië. Dit heeft te maken met de historie van de plek: waarschijnlijk heeft in de buurt een tichelwerk, ofwel steenfabriek, gestaan. Aan de Tichelstraat is recent een Cruijff-Court aangelegd, maar door gebrek aan sociale controle is sprake van vervuiling en vernieling.

Het grootste deel van de bebouwing na 1925 is volgens het stedenbouwkundig plan van Van Hylckama Vlieg uitgevoerd, uitgezonderd de noordoostelijke hoek. Hier heeft de Archipelweg, die deel uitmaakt van de Leeuwarder ringweg, omwille van de doorstroming en aansluiting op de Franklinstraat een schuine hoek uit het oorspronkelijke plan genomen. Ook het vanaf 1939 aangelegde Bataviaplein wijkt af van de plannen.

De Indische Buurt, die tegenwoordig ongeveer 1.100 inwoners telt, werd oorspronkelijk gebouwd als arbeiderswijk. Een groot deel van de arbeiders die er woonden, was werkzaam in de aan het Nieuwe Kanaal gelegen melkfabriek. Door het hoge percentage kleine woningen is het altijd een arbeidersbuurtje gebleven. Met de bouw van ruimere woningen aan het Deliplein en het Bataviaplein aan het eind van de jaren dertig kwam er meer differentiatie in de buurt.

In 1936 begon men, in het kader van de werkverschaffing, met de aanleg van Sportpark Cambuur ten noorden van de Oost-Indische Buurt, later vooral bekend als residentie van de Leeuwarder voetbalclub SC Cambuur. Door de ligging, direct grenzend aan het stadion van SC Cambuur, wordt door bewoners een sterke band gevoeld met de voetbalclub.

De Oost-Indische buurt nu – sloop en nieuwbouw

Na ruim tachtig jaar bleken veel van de woningen in de Oost-Indische buurt aan het eind van hun bouwkundige duurzaamheid. De huidige eigenaar, woningcorporatie Elkien, gaf reeds in 2012 aan geen heil te zien in renovatie en, in goed overleg met de buurtbewoners, te willen kiezen voor sloop en nieuwbouw. De bewoners mochten middels een stemronde aangeven of zij de plannen steunden, waarbij de einduitslag een grote meerderheid voorstemmers aangaf.

De nieuwe plannen voor de buurt omvatten de sloop van 222 woningen, die zullen worden vervangen door 85 appartementen en 116 grondgebonden woningen. De uitvoering gebeurt vanaf 2017 in 3 fasen; er wordt begonnen bij de Balistraten, in het westelijke deel van de wijk. De structuur van de wijk zal grotendeels ongewijzigd blijven. Door een slimme inrichting van de openbare ruimte zal er meer parkeergelegenheid komen. De gemeente draagt met 1,3 miljoen euro bij aan de herinrichting, waarbij overzichtelijkheid een belangrijk uitgangspunt is. Eind 2019 moet het gehele sloop-nieuwbouw-traject gereed zijn.

Het kleine zusje in het zuiden: de West-Indische Buurt

In de wijk Nijlân, ten zuiden van de Julianalaan, bevindt zich de West-Indische buurt. Deze buurt is vanaf 1951 ten zuiden van de ringweg aangelegd en bestaat uit de Aruba-, Bonaire-, St. Eustatius-, St. Maarten- en Sabastraat en een deel van de Curaçaostraat. In 1952 werd vervolgens het terrein tussen Saba-, Suriname-, en Curaçaostraat bebouwd met 48 onder- en bovenwoningen ofwel duplexwoningen. In 1958 besloot het college van B en W op advies van een nieuw geïnstalleerde straatnaamcommissie de straatnamen in de West-Indische buurt te veranderen. Aanleiding hiertoe was de nieuwe uitbreiding van de stad naar het zuiden, waarbij om de West-Indische buurt heen de nieuwe wijk ‘t Nijlân was gepland. Er werd gekozen voor vernoemingen naar ambachten en werkplaatsen. Echter deze nieuwe namen, zoals Wieldraaierij, Looierij en Zeilmakerij zorgde voor veel kritiek, omdat de bewoners deze namen associeerden met slechte woonomstandigheden. Het College was echter niet van plan de plannen terug te draaien.  De gemeenteraad zag  zich genoodzaakt om in te grijpen. Het college van B en W  was niet langer bevoegd om straatnamen te verlenen. En zo bleven de West-Indische namen gehandhaafd.

Historische foto's (Historisch Centrum Leeuwarden)

View the embedded image gallery online at:
https://indischebuurten.nl/buurten/43-leeuwarden#sigProId3cb90cf653

In de fotogalary vindt u 66 foto's gemaakt in de Oost-Indische buurt en 43 in de West-Indische buurt die momenteel wordt gerenoveerd (2016)

Oost-Indische buurt (fotograaf Dick Rozing)

View the embedded image gallery online at:
https://indischebuurten.nl/buurten/43-leeuwarden#sigProId88e1f43272

West-Indische buurt (fotograaf Dick Rozing)

View the embedded image gallery online at:
https://indischebuurten.nl/buurten/43-leeuwarden#sigProIdfeb5892963